woensdag 16 november 2016

HERZIENING VAN HET FRANSE VERBINTENISSENRECHT II

Op gevaar af dat het een saaie opsomming wordt (dat is het al) besteed ik in dit blog opnieuw aandacht aan een paar van de veranderingen in verbintenissenrecht. Het gaat deze keer vooral om regels die in de rechtspraak al lang werden toegepast, maar die nu netjes in de wet worden vastgelegd.

De totstandkoming van een overeenkomst was in het Franse recht grotendeels geregeld in de jurisprudentie. Met de codificering van het rechtersrecht is daar nu verandering in gekomen. Zo legt artikel 1112 Code civil de rechtsspraak over de precontractuele onderhandelingen (négociations précontractuelles) en aansprakelijkheid bij afgebroken onderhandelingen vast. Ook de intrekking van het aanbod en de herroeping van het aanbod zijn tegenwoordig bij wet geregeld. Intrekking is mogelijk zolang het aanbod de geadresseerde nog niet heeft bereikt en nog niet van kracht is geworden (artikel 1115 Code civil), Artikel 37, derde lid, Burgerlijk Wetboek Boek 3). Herroeping is mogelijk zolang het aanbod dat de geadresseerde al wel heeft bereikt nog niet is aanvaard (artikel 1116 Code civil, Artikel 37, vijfde lid, Burgerlijk Wetboek Boek 3). Vreemd genoeg gebruikt de Code civil voor beide situaties de term ‘rétractation’. Artikel 1117 regelt vervolgens dat als er een termijn is bepaald voor de aanvaarding het aanbod na verloop van die termijn van rechtswege vervalt (l’offre est caduque). Artikel 1121 Code civil regelt dan het moment van totstandkoming van een overeenkomst. In Nederland is dat Artikel 6:217 Burgerlijk Wetboek. Net als in Nederland (Artikel 37, derde lid, Burgerlijk Wetboek Boek 3) geldt het moment van ontvangst van de aanvaarding van een aanbod (dès que l’acceptation parvient à l’offrant) als het moment van totstandkoming van die overeenkomst.

Veel andere leerstukken die in de Franse jurisprudentie allang aanvaard zijn worden nu voor het eerst bij wet geregeld. Zo zijn de eenzijdige belofte (la promesse unilatérale van artikel 1124 Code civil), de nietigheden (la nullité, art 1178 e.v. Code civil), waaronder ook de voorheen niet erkende gedeeltelijke nietigheid (artikel 1184 Code civil), de duur van de overeenkomst (la durée du contrat, artikel 1210 e.v. Code civil), het niet nakomen van een overeenkomst (inexécution du contrat, artikel 1217 e.v. Code civil), een nieuwe definitie van overmacht (force majeure, artikel 1218 Code civil), prijsvermindering bij gedeeltelijke niet-nakoming oftewel bij een gebrek in de prestatie (exécution imparfaite, artikel 1223 Code civil) en de buitengerechtelijke ontbinding via een ontbindende voorwaarde (clause résolutoire, artikel 1224 Code civil).

Volgens het nieuwe artikel 1171 Code civil worden in standaardcontracten (un contrat d’adhésion) oneerlijke bedingen voortaan ongeacht het soort overeenkomst als ongeschreven aangemerkt (réputé non écrite). Standaardvoorwaarden die een aanzienlijke onevenwichtigheid scheppen tussen de rechten en plichten van partijen zijn voortaan dus ook volgens de wet nietig. Dit was al het geval op grond van het Europese recht (richtlijn 93/13) en de jurisprudentie, maar is nu ook formeel in de Code civil vastgelegd.


Anders dan het Nederlandse recht (Artikel 258 Burgerlijk Wetboek Boek 6) en het Franse bestuursrecht kende het Franse civiele recht tot deze wetswijziging niet de mogelijkheid om een overeenkomst te wijzigen of te ontbinden wegens onvoorziene omstandigheden (imprévision). Het beroemde arrest ‘Canal de Craponne’ van het Cour de cassation uit 1876 (Canal de Craponne) bepaalde dat ‘imprévision’ niet tot aanpassing van een overeenkomst mag leiden. In de praktijk werd dit gebrek opgevangen door een zogenoemde ‘force majeur’ clausule in het contract op te nemen. Met het nieuwe artikel 1195 Code civil is dat niet langer nodig. Dit artikel geeft de rechter de bevoegdheid om op verzoek van één van de partijen de overeenkomst aan te passen als er een te grote disbalans tussen de wederzijde prestaties van partijen dreigt te ontstaan. Net als in Nederland moeten er eerst heronderhandelingen plaatsvinden voor naar de rechter gestapt kan worden. Pas als die onderhandelingen mislukken of als één van de partijen niet wil onderhandelen staat de weg naar de rechter vrij.

In een volgend blog zal ik verder gaan met deze opsomming.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten